Andris_Nelsons

Alexei Ogrintchouk speelt RICHARD STRAUSS

Strauss

Richard Strauss was nog maar zeventien jaar oud toen hij zijn Serenade voor dertien blazers componeerde, en dat hoor je. Het werk is nogal classicistisch van stijl, alsof Mozart zelf om de hoek keek en de jongen af en toe wat noten influisterde.

De serenade is een (heerlijk) niemendalletje, maar vergis je niet! Het mocht dan wel makkelijk in het gehoor liggen maar om het goed te kunnen spelen heb je eersteklas musici nodig. Laat het maar aan de blazers van het Koninklijk Concertgebouworkest over en je krijgt een verbluffend resultaat.

De sonatine met een leuke bijnaam ‘Fröhliche Werkstatt’ stamt uit 1945. In de vijfenzestig jaar tussen de twee composities is meer gebeurd dan één mensenleven kan bevatten. Denk alleen aan de twee wereldoorlogen, waarvan de tweede Strauss de componist persoonlijk heeft geraakt en ook zijn reputatie heeft aangetast. Niet dat je het in die Sonatine kunt horen, hoor! Zelf vind ik het werk best aan de zonnige en vrolijke kant.

 

Strauss john-de-lancie

John de Lancie

Het hoboconcert is een verhaal apart. Strauss componeerde het op verzoek van John de Lancie, een Amerikaanse militair, in het civiele leven hoboïst in het Pitsburgh Symphony Orchestra die na de oorlog in Duitsland was gelegerd en Strauss geregeld thuis heeft bezocht

Alexei Ogrintchouk, de van oorsprong Russische solohoboïst van het Koninklijk Concertgebouworkest behoort tegenwoordig tot de grootste elite hobospelers. Zijn toon lijkt van fluweel, zo zacht en zo lief klinkt dat.

De Letse dirigent Andris Nelsons was, voordat hij aan zijn studie directie begon solotrompettist in het orkest van de opera Riga. Zijn ‘blaasverleden’ verloochent zich niet, zoveel affiniteit met de musici en door hen gespeelde werken hoor je niet vaak.

Het is mijn muziek niet, maar als het toch moet, dan graag zo uitgevoerd!


RICHARD STRAUSS
Oboe Concerto; Wind Serenade; Wind Sonatine No.2
Alexei Ogrintchouk (hobo)
Royal Concertgebuw Orchestra olv Andris Nelsons
BIS 2163  • 74’

Advertenties

ANDRIS NELSONS leidt magistrale BRAHMS

brahms

Wat is de toegevoegde waarde aan een dvd-opname van een klassieke concert? Je luistert immers met je oren? Close ups kunnen soms behoorlijk storend zijn en je uit je concentratie kunnen halen. En je op de dirigent concentreren behoort ook niet altijd tot de grootste genoegens. Want zeg zelf: hoeveel Bernsteins lopen er rond?

De nog maar 37 jaar oude Letse dirigent Andris Nelsons behoort tot de weinige uitzonderingen: kijken naar zijn gezicht geeft je zo veel plezier dat je bij vlagen vergeet te luisteren. Bij wijze van spreken dan. Nelsons is iemand die de hele symfonie, inclusief alle aantekeningen, op zijn gezicht geprojecteerd lijkt te hebben. de vriendelijkheid waarmee hij de orkestleden toeknikt, maakt daarbij dat je van hem gaat houden.

De eerste maten van de Serenade No. 2 van Brahms vond ik een beetje tam: ik miste de spanning die de opname van de Berliner Philharmoniker onder Claudio Abbado zo bijzonder maakte. Ik miste ook de milde lyriek en het dansante. Als het gezicht van Nelsons er niet bij was…

Maar naarmate het concert vorderde hoe beter het werd. Met als bekroning zowat de mooiste lezing van de tweede symfonie, waarin Nelsons de melodielijnen tot het oneindige leek uit te spannen. Een ware sensatie.

Beide orkeststukken omlijstten Brahms’ magistrale Altrapsodie, met als soliste één van geliefde mezzosopranen, Sara Mingardo. Ze begon een beetje schuchter en aarzelend, maar wist aan het eind de climax tot een absoluut maximum op te voeren. Wat een zangeres!

Zowel het koor van de Beierse radio (dirigent Gerald Hänsler) als het Lucerne Festival Orchestra zijn meer dan voortreffelijk. Het orkest verloochent zij “Abbado-verleden” niet, maar de aanwijzingen van de jonge dirigent lijken ze nog extra te inspireren. Ja, er zijn van die concerten die je ook moet “zien”.

Hieronder de trailer van de uitgave:

JOHANNES BRAHMS
Serenade No.2, Alto Rhapsody, Symphony No.2
Sara Mingardo (alt)
Bavarian Radio Choir, Lucerne Festival Orchestra olv Andris Nelsons
ACC 20325

DER FLIEGENDE HOLLÄNDER Nelsons

nelsons

Na de semiconcertante uitvoeringen van Der Fliegende Holländer in het Amsterdamse Concertgebouw (24 en 26 mei 2013) waren de meningen van zowel de recensenten als het publiek dermate verdeeld dat het tot felle discussies op de operaforums heeft geleid. Het leek net oorlog.

De opera-uitvoering werd door het eigen label van het Concertgebouworkest vastgelegd en is inmiddels op de markt gebracht. Iedereen kan nu dus zijn eigen oordeel vormen.
Nu is een opname, zelfs als het live is gerealiseerd niet te vergelijken met wat je in de zaal hoort, maar het resultaat is voor mij meer dan bevredigend.

Echt moeite heb ik alleen met Anja Kampe (Senta). Het ligt aan haar manier van zingen, met te weinig legato en te veel uithalen. Haar klank kan bij luidere passages onaangenaam scherp worden, iets wat haar ballade bij vlagen ontsiert. Als Senta hoor ik toch liever een stem die lichter en lyrischer is, minder scherp.

Christopher Ventris vind ik een mooie Erik. Hij benadert zijn rol vanuit het belcanto, vanzelfsprekend eigenlijk, zeker voor de vroege Wagner.

Kwangchul Youn is een beetje onstabiel als Daland, maar zijn interpretatie staat als een huis, daarvoor wil ik een min of meer wankele noot voor lief nemen.
Hetzelfde geldt ook de oudgediende Terje Stensvold als de Hollander.

Over het orkest kan ik kort zijn: adembenemend. Nelsons schuwt het overweldigende geluid niet (de ouverture!), maar weet het, waar nodig tot de mooiste pianissimi te dimmen.

Als er zo gespeeld wordt, mag je wat mij betreft zelfs het telefoonboek op de lessenaars zetten!

Richard Wagner
Der Fliegende Holländer
Kwangchul Youn, Anja Kampe, Christopher Ventris, Jane Henschel, Russell Thomas, Terje Stensvold
Chor der Bayerischen Rundfunks, NDR Chor (Martin Wright); WDR Rundfunkchor Köln olv Andris Nelsons
RCO 14004

zie ook:

De Holländers van Wagner en Dietsch